CLL - ondersteunende behandelingen

 

Soms is het noodzakelijk om ondersteunende behandeling te geven die niet gericht is op het terugdringen van de CLL, maar op het voorkomen van complicaties. 

Het kan noodzakelijk zijn om eerder antibiotica te gebruiken omdat de afweer van de patiënt verlaagd is. Als er vaak ernstige bacteriële infecties optreden en er weinig antistoffen (immuunglobulines) in het bloed zijn, kan het zinvol zijn antistoffen toe te dienen via een infuus.

Behalve de jaarlijkse griepprik worden er geen vaccinaties standaard geadviseerd. Eventueel kan gevaccineerd worden tegen pneumococcen om longontsteking te voorkomen. Dat moet dan wel in een zo vroeg mogelijk stadium van de ziekte. (Overleg met je hematoloog).

Vanwege de verminderde afweer mogen geen vaccinaties met levende vaccins worden gegeven, zoals tegen tuberculose (BCG), gordelroos,  gele koorts, oraal tyfusvaccin en het BMR-vaccin (bof, mazelen en rode hond).